Zelftesten in en na de zomervakantie

Zelftesten in en na de zomervakantie

Het ministerie van OCW roept leerlingen en personeel van het voortgezet onderwijs op om ook in de zomervakantie zichzelf te testen: twee keer bij terugkomst van een (eventuele) binnenlandse of buitenlandse vakantie en twee keer voor de aanvang van het nieuwe schooljaar. Het is de bedoeling dat scholen de testen voor de vakantie aan hun leerlingen en personeel uitreiken. Op Zelftesten in het onderwijs is een flyer te vinden en sociale media uitingen die te gebruiken zijn voor voorlichting. Half augustus ontvangen scholen de informatie over het testen in het onderwijs na de zomervakantie.

Scholen voor het voortgezet onderwijs hebben de afgelopen weken het verzoek gekregen om hun leerlingen en personeelsleden voor de zomervakantie vier extra zelftesten mee naar huis te geven. De oproep is om twee keer na terugkomst van een (eventuele) binnenlandse of buitenlandse vakantie te testen én twee keer voor de eerste schooldag.

Ter ondersteuning van deze oproep is er een flyer voor leerlingen met informatie over het belang en de timing van zelftesten in de zomer. Scholen kunnen deze flyer printen en meegeven met de testen, of als pdf-bestand digitaal verspreiden onder de leerlingen. Daarnaast zijn er berichten beschikbaar die scholen via hun eigen sociale media schoolaccounts kunnen verspreiden.

Zelftesten na de zomervakantie

Op dit moment is nog niet bekend hoe er na de zomervakantie wordt getest in het onderwijs. Het is handig voldoende testen op voorraad te houden om na de zomer in ieder geval risicogericht te kunnen testen. Half augustus ontvangen de scholen informatie over het testen in het onderwijs na de zomervakantie.

Bron: AVS

Herstelplannen onderwijs bedreigt door personeelstekorten

Herstelplannen onderwijs bedreigt door personeelstekorten

Bijna 80% van de schoolbesturen wil de komende twee jaar extra personeel inzetten. Maar 42% van hen weet niet waar ze dat personeel vandaan moeten halen. Uit een ledenpeiling van de PO-Raad blijkt dat het lerarentekort scholen verhindert de middelen van het Nationaal Programma Onderwijs (NPO) in te zetten zoals zij denken dat het effectief is om door corona opgelopen leervertraging in te lopen. ,,Er zijn op heel veel plekken onvervulde vacatures. De nood is hoog in de Randstad, maar ook in heel veel andere regio’s loopt het personeelstekort op. Scholen moeten noodgedwongen improviseren”, zegt Freddy Weima, voorzitter van de PO-Raad. 

 

Kansen en risico’s NPO 

In de ledenpeiling geven 160 schoolbesturen aan welke NPO-plannen er zijn en welke kansen en risico’s ze zien. Scholen noemen het mooi dat er nu geld voor het onderwijs beschikbaar komt om te investeren in verdere professionalisering van leraren en om al bestaande ambities een extra impuls te geven. Maar onze leden zien ook risico’s: het NPO-geld is incidenteel en moet binnen een twee jaar doelmatig worden uitgegeven. Dat, in combinatie met het lerarentekort, maakt dat ze de ‘boemerang’ van de politiek vrezen. Als het NPO niet kán worden uitgevoerd, ligt het dan aan de randvoorwaarden of aan de uitvoering in de sector?   

 

Stijgende reserves 

,,Het is mooi dat kabinet bereid is geweest zoveel te investeren in het onderwijs, maar het moet wel in enorm korte tijd worden uitgegeven. Als PO-Raad vrezen we dat dit als een boemerang op het bordje van de schoolbesturen terugkomt”, zegt Freddy Weima, voorzitter van de PO-Raad. ,,Scholen stelden de afgelopen maanden onder grote, opgelegde tijdsdruk een NPO-plan op. Elke school in Nederland heeft mogelijke leervertraging in beeld gebracht en uitgezocht welke interventie het meest effectief is om die in te lopen en de onderwijskwaliteit duurzaam te vergroten. Maar het lerarentekort maakt het de sector simpelweg onmogelijk om het geld doelmatig en effectief uit te geven” 

Hoewel er op dit moment genoeg geld is om de vertragingen in te lopen, ligt de besteding ervan lastig, zeggen de schoolbestuurders. Het gevaar is aanwezig dat de reserves op korte termijn stijgen, waardoor het beeld ontstaat dat het onderwijs geen extra middelen nodig heeft, terwijl structurele investeringen keihard nodig zijn. 

 

Toenemende kansenongelijkheid 

De personeelstekorten lopen op in heel Nederland en in zowel het regulier als het speciaal onderwijs. Het NPO doet de zorg groeien over toenemende kansenongelijkheid, juist door het geld dat beschikbaar komt in combinatie met het lerarentekort: Scholen met een hoog schoolgewicht (leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben voor onderwijsachterstanden) concentreren zich vaak in bepaalde wijken. Nu voor het uitvoeren van hun NPO-plannen veel scholen extra personeel zoeken, wordt gevreesd voor verplaatsing van leraren, waardoor het lerarentekort in achterstandswijken alleen maar groter wordt. De tijdelijke arbeidsmarkttoelage (voor scholen met veel leerlingen met risico op onderwijsachterstand) is hiervoor geen waterdichte oplossing, omdat deze maar voor twee jaar beschikbaar is. 

 

Structureel geld voor structurele kwaliteit 

Om het NPO-geld effectief en doelmatig te kunnen inzetten hebben scholen meer tijd nodig. Maar vooral is er structureel geld nodig om de onderwijskwaliteit te verbeteren. Alleen op die manier kan ook het lerarentekort worden aangepakt: een structureel probleem vergt een structurele oplossing. 

 

Bron: PO-raad