Minder uitval onder startende leraren

Minder uitval onder startende leraren

De afgelopen jaren is de uitval van startende leraren flink gedaald. Waar in 2013 nog 22 procent van de starters het onderwijs binnen een jaar verliet, was dat in 2018 nog maar 9 procent. Begeleiding speelt een belangrijke rol in deze ontwikkeling. Dat blijkt uit Verkenning Startende leraren in coronatijd.

Ook geeft de Verkenning aan dat startende leraren steeds vaker begeleiding krijgen: kreeg 79 procent van de startende leraren uit het cohort 2015 begeleiding, onder startende leraren uit cohort 2019 is dit opgelopen tot 89 procent. Toch krijgen nog niet alle starters begeleiding en loopt de kwaliteit uiteen. Deze verkenning geeft inzicht in de verbeterpunten en laat zien wat de gevolgen van de coronacrisis zijn.

Verbeterpunten

Opvallend is dat een op zes startende leraren aangeeft dat ze geen begeleiding krijgen, terwijl bijna alle schoolleiders en HR-medewerkers aangeven dat er áltijd begeleiding is. Dat kan betekenen dat sommige starters de begeleiding die zij krijgen niet als begeleiding ervaren. Een andere verklaring hiervoor is dat een deel van de schoolleiders en HR-medewerkers denkt dat elke startende leraar begeleiding krijgt, terwijl dat in de praktijk niet het geval is. Daarnaast mist een op de drie starters één of meerdere onderwerpen die tijdens de begeleiding aan bod komen. Zoals de omgang met ouders, administratie en het maken van (handelings)plannen. Ook blijkt de begeleiding tijdens de coronacrisis van mindere kwaliteit te zijn geweest. Waar starters de begeleiding eerst met een 7,6 beoordeelden, was dat tijdens de coronacrisis een 6,9.

Maatwerk in de begeleiding is van belang. Het ontbreken van voldoende capaciteit en budget om starters optimaal te begeleiden, is een knelpunt dat uit de verkenning naar voren komt.

De dataverzameling is uitgevoerd door DUO Onderwijsonderzoek. In totaal hebben 57 HR-medewerkers, 107 schoolleiders en 239 leraren de vragenlijst volledig ingevuld.

Bron: AVS